Stichting Kindertehuis Pinokio

Mijn herinnering aan Felipe
Januari 1994
Ik leerde hem kennen toen hij 1 dag oud was. Onderweg van Campos naar Barra, stapte zijn moeder met hem, alleen gewikkeld in lappen, in de al overvolle bus. Moeders met baby''s hebben bij mij altijd een streepje voor, dus stond ik op en bood haar mijn plaats aan. Zij, heel dankbaar vertelde mij dat zij de dag ervoor bevallen was en erg blij was dat zij mocht zitten, want haar benen waren nog niet zo sterk. Wij raakten aan de praat en voor ik het goed besefte had ik de baby in mijn armen en mocht ik hem houden. Ik vertelde haar met een brok in mijn keel, dat dat onmogelijk was aangezien ik heel ver weg woonde in een land waar je niet zomaar baby''s mee mocht nemen. Ik vroeg mij verbijsterd af wat deze moeder allemaal moest hebben meegemaakt om aan een wildvreemde te vragen haar baby over te nemen. Ik zou het spoedig weten. Haar verhaal is intens triest. Zij had al zestien kinderen ter wereld gebracht waarvan er vijf gestorven waren als kleine baby. Nu had zij dus elf kinderen plus Felipe (die naam heb ik hem gegeven). Haar grote angst was dan ook dat hij het niet zou halen, want bij de laatste baby''s had zij heel weinig moedermelk gehad. Geen wonder als je zo ondervoed bent als zij! Daarom wilde zij mij de baby geven want zij kon er niet aan wennen dat haar baby''s stierven. Iedere keer had zij er intens verdriet van en voelde zij zich schuldig. Bij aankomst van de bus was er niemand om haar op te halen. Dat kon ook niet, want niemand van haar familie wist dat de baby al geboren was noch wanneer zij naar huis terug zou komen. De dag tevoren was zij door een ambulance naar het ziekenhuis gebracht, zo''n 98 kilometer verder. Dit is een van de weinige goede diensten van de gezondheidszorg in BraziliŽ. Alle baby''s mogen in een ziekenhuis worden geboren. Ook als je arm bent en het ziekenhuis niet kunt betalen. Niemand vraagt zich af hoe het verder gaat met de moeders na de bevalling, maar de baby''s worden in ieder geval door een arts in deze wereld begeleid. Vader was thuisgebleven met de andere kinderen.

Dezelfde dag is Maria bevallen en zoals gebruikelijk kon zij de dag erna haar biezen pakken. Zo''n moeder moet zelf maar zien hoe zij thuiskomt! Na aankomst van de bus moest zij met haar baby en een bundel kleren nog een half uur lopen eer zij thuis zou zijn. Dat kon ik niet aanzien. Ik liet haar bij de bushalte wachten en ben naar huis gerend om aan mijn tante te vragen of ik haar auto kon lenen. Ik bracht Maria naar huis en daar kreeg ik een enorme schok. Natuurlijk had ik veel vaker armoede gezien, maar wat ik daar aantrof sloeg werkelijk alles. Maria''s hutje bestond uit 2 kamertjes plus iets wat voor een keuken moest doorgaan. Haar kinderen, varierend van anderhalf tot veertien jaar renden naar buiten om hun nieuwe zusje of broertje te verwelkomen. Negen glunderende kopjes, de twee oudsten waren niet thuis. Het was hartverwarmend hun vreugde te zien. Ik denk niet dat zij beseften dat er weer een mondje bij kwam om hun schaarse voedsel te delen. De kleinste kinderen waren naakt. De iets groteren hadden een gerafeld broekje aan en het was behoorlijk kil die avond. Op mijn vraag of zij niet iets warmers moesten aantrekken werd verbaasd gereageerd. Later begreep ik dat er niets aan te trekken viel.

Het huisje was zeer karig "gemeubileerd". Een zelf getimmerd bed voor vader en moeder (zonder matras). Hun laken (voor de winteravond) bestond uit aan elkaar genaaide lappen. Er was nog een kapot bed met 3 poten waar de vier kleinste kinderen in konden slapen. Twee aan iedere kant. De rest van de kinderen sliep verspreid in die twee kamertjes op de vloer op zelf gevlochten matjes. Geen lakens, geen kussens, niets! Het bed van de kinderen diende overdag als zitplaats want stoelen en tafels waren er niet. Alleen een zelfgetimmerde kruk waar ''s avonds een klein kaarsje op werd geplaatst als verlichting. Elektriciteit hadden zij ook niet. Een kaarsje per avond. Als het kaarsje opgebrand was om plus-minus 7 uur, was dat het sein voor bed-tijd! Is het dan een wonder dat er zoveel kindertjes worden gemaakt als je met de kippen op stok moet ? Om 7 uur Is avonds ben je als volwassene beslist nog niet aan slapen toe, zelfs niet als je om 5 uur bent opgestaan en de hele dag hard hebt gewerkt.

Het "fornuis", gestookt op gesprokkeld hout was van stenen gemetseld en Maria moest op de hurken zitten om erbij te kunnen komen. Levensgevaarlijk, want de kleintjes konden zo bij het vuur komen. De keukeninventaris bestond uit 2 gammele pannen, 4 borden, 3 kopjes zonder schotel en wat bestek. Als er wat te eten viel moesten zij dat om de beurt doen. Hun dagelijks voedsel bestaat uit kleine visjes die de vissers niet mogen verkopen en door hen aan de armen wordt uitgedeeld. De visjes worden in water gekookt en gemengd met maniokmeel. Zij eten op zeer onregelmatige tijden want de vissers zijn afhankelijk van het tij om het dorpje binnen te varen. Soms is hun eerste maaltijd om 6 uur ''s avonds. Als vader werk heeft (hij werkt in de bouw als hulpje) dan kunnen zij wat rijst, bonen en olie kopen. Hij verdient de helft van een minimum salaris (minimum salaris in BraziliŽ is fl 180.- per maand (81 Euro)). De rest van de maand is maar afzien.

In de tuin is een kraan. Daar moet het water vandaan komen. Wat mij heel diep heeft getroffen was de "badkuip". Als kinderbad diende een groot olieblik waarvan een zijkant was uitgeslagen met heel scherpe randen. Als de kinderen niet heel stijf rechtovereind in het bad bleven zitten, werden zij opengehaald. Ik heb de sneden in de kinderlijfjes gezien! Die avond ben ik zeer ontdaan naar huis gegaan. Het eerste dat ik de volgende dag deed, was een grote teil kopen waarin zij de kinderen kon baden. Het blik heb ik zelf weggegooid! Een W.C. was duidelijk niet aanwezig. De kleintjes hadden een po, de groteren moesten het bosje in en dat blootvoets! Het bosje werd gebruikt als openbaar toilet door een tiental families. Rara, waar komen al die ziektes toch vandaan?

Mijn volgende stap was alle mensen die ik in dit dorpje kende te mobiliseren om deze familie enigszins te helpen. De bewoners van dit dorpje zijn echter geen van allen rijk. Toch kwam de een met borden, de ander met bekers, pannen en andere huishoudelijke attributen. Wij hebben geld opgehaald en een matras voor de ouders gekocht. U had hun gezichten moeten zien! Zij voelden zich als koningen. Natuurlijk hoorden er 2 lakens bij het cadeau. Graag hadden wij ook nog voor bedden voor de kinderen gezorgd maar die pasten helaas niet in het huisje! Intussen was ik achter de naaimachine gekropen en heb op mijn manier wat kinderkleding genaaid. Felipe moest tussen zijn ouders slapen in een bed formaat twijfelaar. Dat vond ik doodeng, ik had visioenen van een geplette baby. Nonsens natuurlijk want zo worden duizenden baby''s in BraziliŽ grootgebracht. Maar toch kon ik die door mijn europese manier van leven ingegeven angst niet bedwingen. Ik moest en zou een babybedje hebben. Bijna al het geld dat ik bij me had was al uitgegeven, dus ging ik op zoek naar afvalhout. En ja hoor, binnen de kortste keren had ik van verschillende winkeliers wat planken en kisten gekregen. In zagen en timmeren ben ik absoluut niet handig, maar toch kwam er een prachtig bedje tevoorschijn. U kunt het op de foto bewonderen!

Van een kapotte matras die ik van iemand kreeg werd een matrasje gemaakt. Lakentjes en dekentjes waren snel gemaakt. De zijkanten van het bedje werden door gebrek aan spijltjes afgesloten met restjes nederlandse vitrage. Zelfs een klamboe, geen overdadige luxe in BraziliŽ, werd van vitrage gemaakt. Het bedje was te groot om in een auto te vervoeren dus werd het op een kruiwagen geladen en zo ging ik het hele dorp door, gevolgd door heel wat bewoners die naar buiten kwamen om het kunstwerk te zien! Ik moet eerlijk bekennen dat ik heel trots was op het resultaat. Kleine Felipe werd erin gelegd en hij leek op een kleine prins want inmiddels had ik ook wat kleertjes voor hem genaaid. Iedere dag ben ik bij hen op bezoek geweest en raakte erg gehecht aan al die kinderen daar. Zo lief en aanhankelijk waren zij allemaal.

Blij met alles wat ik elke keer meenam. De ene dag eten voor de kinderen, de andere dag ijzerpillen voor de moeder en vooral babymelk. Vooral aan de moeder kon ik merken hoe zij die hulp waardeerde, hoewel zij het woordje "dankje wel" niet kende! Ik wilde beslist geen Sinterklaas spelen, maar de mensen hadden zoveel nodig.... De dag van mijn vertrek naderde en mijn hart voelde aan als lood want ik beschouwde Felipe en zijn broertjes en zusjes als een deel van mijzelf. Met de ouders sprak ik af dat ik zeer regelmatig geld voor babymelk zou sturen. Dat heb ik ook gedaan. Ik heb echter een misrekening gemaakt. Ik verwachtte dat zij van het geld inderdaad babymelk zouden kopen en er geen rekening mee gehouden dat een moeder niet slechts voor een van haar kinderen kan zorgen. De babymelk werd met veel te veel water aangelengd en zo kon zij wat eten voor de andere kinderen kopen.

Helaas heeft baby Felipe deze bezuiniging niet overleefd. Mocht ik boos worden op een moeder die ook van haar andere kinderen hield? De dood van Felipe was het laatste duwtje dat ik nodig had om te besluiten naar BraziliŽ te gaan om daar de kinderen te helpen. Het meest trieste van dit verhaal is het feit dat op deze manier miljoenen mensen in BraziliŽ, moeten "leven".

Lucia Schulman